De twee nieuwe -cides: ecocide en feminicide

In het regeerakkoord van 30 september 2020 dat de basis vormt voor de splinternieuwe regering De Croo-I wordt het volgende gesteld:

‘Wat betreft het strafwetboek zal er aan de experten gevraagd worden om advies te geven omtrent de opname van ecocide en feminicide in het nieuw strafwetboek.’

In deze bijdrage zal uiteengezet worden wat deze nieuwe misdrijven mogelijks zouden inhouden en in hoeverre het waarschijnlijk is dat ze in België het levenslicht zullen zien.

Ecocide

Wat betreft het misdrijf ecocide dient gewezen te worden op de verschillende initiatieven die reeds genomen werden in het kader van het Statuut van Rome betreffende het Internationaal Strafhof.

Daarin wordt alvast verwezen naar ‘het opzettelijk richten van een aanval in de wetenschap dat een dergelijke aanval […] grote, langdurige en ernstige schade aan natuur en milieu zal aanrichten, die duidelijk buitensporig is in verhouding tot het te verwachten concrete en directe militaire voordeel’ als een oorlogsmisdaad.

Echter werd ook meer concreet verzocht om het specifieke misdrijf ecocide op te nemen in het Statuut van Rome. In dat opzicht werd alvast een voorstel ingediend bij de Verenigde Naties om ecocide te kwalificeren als een misdaad tegen de vrede, aangezien ecocide zou leiden tot het uitputten van grondstoffen, hetgeen op zijn beurt zou leiden tot conflicten.

Als voorbeeld wordt vaak de opzettelijke vervuiling van water aangehaald, gezien het vervuilen van drinkbaar water – in gebieden waar schaarste heerst – in de toekomst steeds vaker tot conflicten om grondstoffen zou kunnen leiden.

Meer specifiek werd in dit kader dan ook de volgende definitie van ecocide voorgesteld:

‘De grootschalige vernietiging, beschadiging of verlies van het (de) ecosysteem(sen) van een bepaald gebied, hetzij door menselijk toedoen, hetzij door andere oorzaken, in zodanige mate dat het vreedzame genot voor de inwoners van dat gebied ernstig is aangetast.’

De meest gedragen omschrijving is volgens expert Hendrik Schoukens weliswaar de volgende, iets beperktere – maar nog steeds zeer ruime – definitie: ‘de grootschalige aantasting van ecosystemen door menselijk toedoen’.

Mogelijks heeft een dergelijke strafrechtelijke bepaling tot gevolg dat traditionele energiebedrijven grotendeels schone energiebedrijven zouden moeten worden; dat veel ontginning zou moeten worden teruggeschroefd of stopgezet; dat chemicaliën die de bodem en het water verontreinigen, en wilde dieren doden, opgegeven zouden moeten worden en dat grootschalige ontbossing niet langer mogelijk zou zijn.

Dit voorstel is trouwens ook in de praktijk geen dode letter gebleken. Zo hebben de staten Vanuatu en de Malediven reeds officieel aan het hoogste orgaan van het Internationaal Strafhof voorgesteld om voormeld voorstel effectief in overweging te nemen, zodat het misdrijf ecocide alvast in het Statuut van Rome zou kunnen opgenomen worden.

Of de Belgische wetgever hierin zal meegaan en in welke mate, valt natuurlijk nog af te wachten maar de internationale gemeenschap lijkt in ieder geval kleine stapjes te zetten in de richting van de bestraffing van ecocide, waarna België mogelijks niet veel later zal volgen.

Wat momenteel wel al definitief gesteld kan worden op Belgisch niveau is dat Prof. Dr. Rozie – één van de experts die meewerkt aan het nieuwe Strafwetboek – niet geheel gekeerd is tegen de strafrechtelijke beteugeling van ecocide, zoals blijkt uit een artikel in de Standaard van 3 oktober 2020.

Feminicide
Volgens Amnesty International betreft feminicide ‘de meeste extreme vorm van geweld tegen vrouwen. Het is de moord op vrouwen enkel en alleen omdat ze vrouwen zijn’.

Meer specifiek zou het – ook volgens Amnesty International – gaan om verkrachting, gedwongen prostitutie, vrouwenbesnijdenis, steniging, gedwongen heteroseksualiteit, gedwongen sterilisatie, gedwongen moederschap (door middel van het verbieden van abortus), dowry-geweld, eerwraak en huiselijk geweld, voor zover deze vormen de dood met zich meebrengen.

De concrete definities lopen momenteel nog zeer ver uiteen. Volgens sommigen kan feminicide bijvoorbeeld enkel door mannen gepleegd worden terwijl anderen aangeven dat het misdrijf door iedereen gepleegd kan worden, zolang het maar gepleegd wordt tegen vrouwen omdat ze vrouw zijn.

De tweede variant lijkt in deze correcter gezien er in dat opzicht geen mogelijks onrechtmatig onderscheid gemaakt wordt tussen vrouwelijke en mannelijke daders.

De vraag is verder echter of een dergelijk misdrijf niet reeds deels in het Belgisch strafrecht is verwerkt gezien de straffen op, onder andere, doodslag op basis van artikel 405quater van het Strafwetboek al verzwaard kunnen worden wanneer ze gepleegd zijn met een drijfveer die bestaat in ‘de haat tegen, het misprijzen van of de vijandigheid tegen een persoon wegens diens […] geslacht’.

In ieder geval is er momenteel nog niet veel data beschikbaar betreffende feminicide, hetgeen het vooropgestelde doel van de Belgische regering niet zal vergemakkelijken en de kans op strafrechtelijke beteugeling van feminicide dus mogelijks zal verkleinen.

Of de twee -cides uiteindelijk zullen worden opgenomen in het Belgisch strafrecht valt aldus nog af te wachten. Maar zodra er enige verandering doorgevoerd wordt, houden wij u vanzelfsprekend op de hoogte.

Wenst u hierover meer informatie, neem dan gerust contact met ons op info@bannister.be of 03/369.28.00.

6 oktober 2020